VVM cursus informatie   

Met het lezen van deze pagina ben je bezig aan de overwinning van je verlegenheid. Deze pagina heeft namelijk tot doel je te informeren over het cursusaanbod van de VVM. En dan met name over de basiscursus die in september in verschillende regio's weer van start zal gaan.

Als je nog nooit deelgenomen hebt aan de basiscursus, dan zou we je namens alle regiocoördinatoren willen vragen onderstaand stuk goed door te lezen 

BASISCURSUS

Doel

Doel van de basiscursus is vermindering van je eigen verlegenheid en die van je medecursisten         (er wordt veel aandacht besteed aan groepssolidariteit).

Aan het begin van de cursus stel je jouw persoonlijke doelen vast. Om deze te bereiken zijn een aantal basisvaardigheden nodig, namelijk communicatieve vaardigheden, rationeel denken en assertiviteit. Deze vaardigheden zullen centraal staan tijdens de cursus.

Duur van de cursus

De cursus bestaat uit 20 bijeenkomsten. De groep komt elke 14 dagen bij elkaar van 19:30 tot 22:00 uur. 

Dit lijkt misschien vrij lang, maar je moet goed bedenken dat overwinning van verlegenheid langzaam maar zeker gaat met kleine stapjes.

Communicatieve vaardigheden en nieuwe denkpatronen kunnen alleen na veel bewust toepassen eigen gemaakt worden.

Huiswerk

Onze ervaring leert dat iedereen heel veel baat kan hebben bij onze cursussen, mits het huiswerk gedaan wordt. Dit neemt gemiddeld enige uren per twee weken in beslag.

De kern van de cursus is gelegen in de toepassing in je eigen leven van hetgeen je meekrijgt tijdens de cursusavonden.

Zoals de bediening van de instrumenten van een auto alleen na veel bewust oefenen een automatisme kan worden, zo kunnen de communicatieve vaardigheden alleen na veel bewust toepassen ervoor zorgen dat een gesprek soepel begint, verloopt en eindigt.

De cursusavonden

Tijdens de bijeenkomsten bespreken we het huiswerk, oefenen we met communicatieve vaardigheden en besteden we aandacht aan negatief denken en assertiviteit. Meestal gaat dit aan de hand van rollenspelen of simulaties van situaties uit de praktijk.  Voor al deze oefeningen geldt dat aanvankelijk in kleinere groepjes geoefend wordt en dat medecursisten feedback geven over hoe de oefening ging en wat er eventueel nog verbeterd kan worden. Daarna worden de bevindingen meestal besproken in de grote groep.

Ook is er tijdens elke bijeenkomst ruimte voor een stukje video waarin op een luchtige manier de theorie achter de oefeningen uit de doeken gedaan wordt.

Begeleiding

De eerste vijf lessen van de basiscursus zal de regiocoördinator een actieve rol in de begeleiding hebben. Hij legt uit wat er die avonden gaat gebeuren en zorgt dat alles in goede banen geleid wordt. Daarna is het de bedoeling dat twee mensen uit de groep (geholpen door de rest) de kar gaan trekken. In de praktijk blijkt dit door de duidelijke handleiding die bij de cursus zit goed te doen is. De handleiding met begeleidingsmethode van de basiscursus werd met zeer positief resultaat voorgelegd aan professionele deskundigen.

Professionele begeleiding

Het komt nogal eens voor dat leden vragen om professionele begeleiding in onze zelfhulpvereniging. Juist het leren begeleiden vormt een belangrijke bijdrage aan de overwinning van verlegenheid. Het is wezenlijk voor onze zelfhulpvereniging dat we onze motivatie niet laten afhangen van de prestaties in de begeleiding van anderen maar kijken welke positieve invloed we zelf kunnen spelen in het goede verloop van de avonden. Dit heeft een vermindering van de verlegenheid tot gevolg vanwege eigen initiatief, assertiviteit en positief denken.

Uitstapjes met de eigen groep

Via deze uitstapjes kun je informeel en gezellig het geleerde in de praktijk brengen in een veilige omgeving.

De structuur van de basiscursus en de losheid van de uitstapjes vormen een eenheid.  

 

 

Zelfhulpcursus ‘Hallo, hier ben ik’

De zelfhulpcursus van de VVM heeft al bij velen succes gehad. De cursus is opgezet in overleg met de Universiteit van Groningen en gebruikt principes die hun nut bewezen hebben.

De zelfhulpcursus bestaat uit 20 bijeenkomsten. Niet voor niets is het een groot aantal cursusavonden, want er zijn veel aspecten van verlegen-zijn die besproken worden. Het kost tijd om aan een goede, diepgaande verandering te werken.

Het is gebleken dat, omdat iedereen inclusief de cursusleid(st)er verlegen is, de cursisten zich snel veilig voelen en openlijk kunnen praten over hun problemen.

De beste manier om van je verlegenheid af te komen is door te leren om met andere mensen om te gaan. Dat is precies wat je in de groepsbijeenkomsten doet. Je leert niet alleen vaardigheden, je gaat tegelijkertijd om met anderen en je leert van elkaar.

De eerste cursusavond is voor iedereen onwennig, maar door die te bezoeken is al een grote stap gezet. Vervolgens is er om de 14 dagen een cursusavond waarin je werkt met een theorieboek en een werkboek.

Het theorieboek geeft inzicht in verlegenheid en moedigt aan bij het werken aan het overwinnen van verlegenheid. Het theorieboek is een begeleiding van het werkboek; dit bevat oefeningen en opdrachten.

Een belangrijk onderdeel van de cursusavonden is het doen van oefeningen met elkaar. In de moeilijkheidsgraad daarvan zit een duidelijke opbouw: van eenvoudig naar lastiger in de loop van de 20 bijeenkomsten. Bij enkele onderdelen wordt gebruik gemaakt van filmpjes, waarin acteurs ‘lastige’ situaties spelen. De acteurs tonen daarin hoe je een dergelijke situatie op een negatieve manier kan oplossen en hoe je het positief kunt doen. Heel leerzaam en voor velen een ‘eye-opener’.

In de 14 dagen tussen twee cursusavonden kan je het geleerde in de praktijk oefenen, waarna je, als je weer bijeenkomt in de groep, je ervaringen deelt en met elkaar praat over de moeilijkheden en de successen.

De cursus beoogt bij de deelnemers de volgende doelen te bereiken:

1.     het vergroten van inzicht in verlegenheid;

2.     het verminderen van irrationele gedachten en daarmee samenhangend het opfleuren van het negatieve beeld dat mensen van zichzelf kunnen hebben;

3.     het verbeteren van de sociale vaardigheden;

4.     het leren omgaan met moeilijke situaties;

5.     het verminderen van lichamelijke spanningen.

De volgende onderwerpen, waarop hierbij een korte toelichting wordt gegeven, komen in het theorieboek en het werkboek uitgebreid aan de orde. De oefeningen en opdrachten uit het werkboek worden gezamenlijk gedaan of worden als ‘huiswerk’ meegegeven.

Deel 1: Verlegenheid

-        Wat is verlegenheid? Welke vormen kent verlegenheid, in welke situaties kun je je verlegen voelen.

-        Ontstaan van verlegenheid. Hierover bestaan een aantal theorieën. Een daarvan stelt: verlegenheid is aangeboren. Een andere: verlegenheid is aangeleerd. Het doel is om verlegenheid die aangeleerd is, weer af te leren. Uitgelegd wordt hoe je gedachten in een vicieuze cirkel kunnen komen, en hoe je deze cirkel kan doorbreken.

-        Veranderen. Toelichting op de mogelijkheid en de manier om je beeld van jezelf en je verlegenheid te veranderen.

Naast de theorie krijg je door het invullen van een keuzen- en doelenlijst een beeld van de gebieden die voor jou moeilijk zijn en waarin het voor jou belangrijk is om verbetering te bereiken. Een voorbeeld van een oefening: je bespreekt in subgroepjes welke rol verlegenheid in je leven speelt.

Deel 2: Denken

Gedachtenpatronen. Dit is een uitgebreid gedeelte in het boek, omdat onze manier van denken een enorme invloed heeft op onszelf en ons gedrag. Enkele voorbeelden van de onderwerpen:

-        Hoe denk over jezelf, je omgeving, je fouten en je successen,

-        wat is de invloed van positief en negatief denken,

-        wat is het verschil tussen rationeel en irrationeel denken,

-        in hoeverre hebben normen en veronderstellingen over anderen invloed op je eigen denken,

-        hoe kom je tot onafhankelijk denken, zodat je jezelf niet meer vergelijkt met anderen en je zelf kunt kiezen hoe je je voelt.

Hierbij krijg je aan de hand van het invullen van een lijst inzicht in je eigen gedachtenpatronen. Bij een van de oefeningen worden de irrationele gedachten vervangen door rationele gedachten. 

Deel 3: Communicatie

Communicatie omvat veel meer dan alleen maar praten. Je lichaamstaal en de klank van je stem zijn eveneens belangrijke aspecten van de communicatie.

Verlegenheid kan tot lichamelijke geslotenheid leiden. Verlegen mensen tonen in hun houding nauwelijks expressie, omdat ze zich ook lichamelijk niet durven uiten. In dit gedeelte wordt dieper ingegaan op de communicatie die tegelijkertijd met het gesprokene plaatsvindt.

Je oefent gesprekken met elkaar, waarin je de verschillende aspecten van communicatie kan weergeven. 

Deel 4: Gespreksvaardigheden

Er wordt geleerd hoe je contact kunt maken, met bekenden en met onbekenden, en hoe je een gespreksonderwerp kunt vinden. Ook leer je waaruit een gesprek eigenlijk bestaat: niet alleen praten, maar óók luisteren. Dit laatste is een heel belangrijk gedeelte van een gesprek, en iets wat verlegen mensen vaak moeilijk kunnen omdat ze te veel bezig zijn met allerlei gedachten in hun hoofd. Door ‘actief’ te luisteren leer je beter reageren en weet je wanneer je iets zelf kunt vertellen, waar je een nieuw gespreksonderwerp kan vinden en hoe je van het ene onderwerp op een ander onderwerp kan overgaan. Je leert hoe je op een goede manier een einde aan een gesprek kan maken. Ook belangrijk is het uiten van je gevoelens: je leert waarom dat belangrijk is en hoe je dat moet doen. Het geven en ontvangen van complimenten: hoe doe je dat en hoe ga je daarmee om? En je doet spreek- en luisteroefeningen, bijvoorbeeld door in de rol van de luisteraar de spreker aan te moedigen meer te vertellen.

Deel 5: Assertieve vaardigheden

Je leert met elkaar hoe je voor onze mening kunt uitkomen, hoe je onafhankelijk kunt zijn. Je leert je gevoelens uiten en ‘nee’ zeggen. Je leert hoe om te gaan met kritiek en hoe je initiatief kunt nemen.

Assertief denken heeft assertief optreden tot gevolg: hoe werkt dat?

Er worden verschillende technieken besproken om een verzoek te doen, kritiek te ontvangen én te geven. In een van de oefeningen bij dit onderdeel leer je een verzoek van een ander op een correcte manier af te wijzen.

Ook hierbij worden, naast het zelf oefenen met situaties, filmpjes getoond die laten zien dat je kan kiezen hoe je een situatie oplost: op een negatieve of op een positieve manier. Getoond wordt welk effect een keuze heeft, zowel op jezelf als op je omgeving.

Deel 6: Lichaam

Verlegenheid is te merken aan de spanningen in je lichaam en aan de gedachten die door je hoofd spoken. Verlegenheid heeft een lichamelijke en een geestelijke kant. Aan de geestelijke kant is in de eerdere hoofdstukken aandacht besteed; In dit gedeelte wordt ingegaan op de lichamelijke kant van verlegenheid. Ontspanning is van groot belang, evenals je adem en de houding. Aan deze drie onderdelen wordt een apart hoofdstuk gewijd.         

Er is een CD met ontspanningoefeningen, te bestellen bij de VVM.

Naar boven